|
Verslag bijeenkomst maandag 4 februari 2008 |
Minister Plasterk in debat over onderwijs |
DEVENTER - In een uitpuilende Burgerzaal in het Deventer gemeentehuis, gevuld met zo’n 150 toeschouwers, waaronder leraren, ouders, PvdA-leden en andere geïnteresseerden, heeft PvdA-minister Ronald Plasterk van onderwijs en cultuur maandagavond gesproken over de stand van zaken in het Nederlandse onderwijs. De avond was door de PvdA Deventer georganiseerd. Tijdens een boeiend gesprek met het aanwezige publiek over diverse onderdelen van het onderwijs lichtte de minister zijn ambities en ideeën voor de komende jaren toe.
Na een inleiding door de minister over zijn plannen voor het onderwijs in de komende jaren werd er uitgebreid met het publiek gesproken over o.a. de kwaliteit van het Nederlandse onderwijs, de taal- en rekenvaardigheden van leerlingen en studenten en de positie van de leraar. Ook het Deventer onderwijs kreeg een plek o.a. bij een discussie over het Etty Hillesum Lyceum. Vooral op het punt rond de positie van de leraren gingen de minister en het publiek uitgebreid in.
Aanwezige leraren wezen niet alleen op de wijze waarop de lerarensalarissen op niveau gebracht gaan worden, maar ook op de situatie op de werkvloer. Plasterk beaamde dat het niet alleen om de salarissen moest draaien: “SDAP stond vroeger niet alleen voor de naam van de voorganger van de PvdA maar ook voor Schoolmeesters, Dokters en Advocaten Partij. Enkele van de mensen die we tot onze achterban konden rekenen. Daaruit kun je afleiden dat leraren toen ook als de notabelen van die tijd werden gezien. Dat is niet meer zo en aan die positie van leraren gaan we gezamenlijk weer werken,” aldus Plasterk tegenover het publiek. Hij lichtte dan ook uitgebreid toe hoe hij naast de extra besteding van 1,1 miljard aan lerarensalarissen de positie van leraren wilde verbeteren. De minister is op dit moment nog druk in bespreking met de onderwijsbond over de precieze uitvoering van zijn voorstellen.
Zowel Plasterk als het aanwezige publiek concludeerden dat verschillende zaken van belang zijn wat betreft het werk van de Nederlandse leraar, waaronder de salarissen, werkdruk en de positie van lesgevend personeel op de werkvloer. “Maar ook ouders en leerlingen hebben een plek binnen het onderwijs om rekening mee te houden”, aldus Plasterk.


